Clickertraining – Theorie: Hoe leren honden

Naar index

Honden en alle andere dieren (waaronder mensen) leren op twee manieren: klassieke conditionering en operante conditionering.

Klassieke conditionering

Bij klassieke conditionering leert de hond door middel van associatie tussen twee gebeurtenissen. Zo weet een hond vaak dat als je zijn riem pakt, er een wandeling zal volgen en bij het geluid van zijn voerbak zal hij zijn eten verwachten. De hond leert dus dat hij op basis van een gebeurtenis een andere gebeurtenis kan voorspellen.

In de clickertraining maken we hier gebruik van om de hond te leren dat de click betekent dat hij een voertje verdiend heeft en dat het voertje eraan komt.

Operante conditionering

Bij operante conditionering leert de hond van de gevolgen van zijn gedrag. Als een hond merkt dat gedrag hem iets prettigs oplevert, is de kans groot dat hij datzelfde gedrag vaker gaat vertonen. Als gedrag hem niets of iets onprettigs oplevert, is de kans dat de hond dat gedrag vaker zal vertonen klein.

Een voorbeeld is als de hond het voor elkaar heeft gekregen om de vuilnisbak open te krijgen. Als hij in die vuilnisbak iets lekkers vindt, zal hij keer op keer weer die vuilnisbak openen. Vindt hij niets, of krijgt hij zelfs de deksel op zijn hoofd, dan is de kans klein dat hij nog een keer de vuilnisbak zal openen.

Bij (clicker)training maken we hier gebruik van door het gewenste gedrag van de hond te laten volgen door iets wat voor hem prettig is, in de meeste gevallen een voerbeloning.

Vindt je dit een interessant onderwerp en wil je iets meer de diepte in? Lees dan het volgende deel. Wil je snel door? Dan kun je het overslaan.